Info

Learning a little every day

Veel vooruitblikken op de toekomst vind ik te zweverig of niet goed genoeg geïnformeerd, maar Peter Gasston’s ‘Consumer Digital Technology: Things to Watch in 2020‘ sluit aan op wat ik zie en lees. Zijn observaties:

Augmented en Virtual Reality

Extended Reality (Augmented en Virtual Reality) blijft interessant, maar:

Extended reality, or immersive technology, or spatial computing, or whatever you want to call it, promises to be the next great technology platform. However, while the scope of the opportunity is (partly) visible, the technology isn’t ready to achieve it yet. Before XR becomes ready for the mainstream there’s still a number of things to be figured out, which we can broadly categorise as: the hardware, the software, and the product.

Qua hardware verwacht hij dat het nog een paar jaar gaat duren voordat de lenzen en batterij voldoende doorontwikkeld zijn. Software-mogelijkheden van bijvoorbeeld AR op smartphones worden steeds beter, maar hoe succesvolle XR-producten eruit zullen gaan zien weten we nog helemaal niet:

Will there be an app store, or an ‘XR web’? Will experiences be triggered by user prompts or environmental queues? Will devices be self-contained or tethered to processors? Will we control them with hand gestures, voice, or a physical device? What will be the social acceptability of wearing glasses that can record the environment and may distract the user?

Allemaal interessante vragen.

Slimme assistenten & Smart Home

Begin 2019 had bijna een half miljoen Nederlandse huishoudens een slimme speaker (maar ik nog niet). Daarop wordt vooral muziek afgespeeld, gevraagd naar de weersverwachting of een herinnering of wekker ingesteld. Maar de inzet voor andere use cases lijkt af te nemen.

Discovery of third-party skills remains a major problem, and in-Skill purchase revenue on Alexa devices is said to be far below expectation. Amazon is trying to combat this through services that let Alexa Skills talk to each other, permitting more complex workflows. Google Assistant gained few new tools for app developers this year, with much more focus on the ways Google services can help its 500 million users; this feels like a sign that they may not consider third-party branded apps to be the way forward.

Voor smart homes worden kleine stapjes gezet die in potentie interessant zijn:

  • Google, Amazon, Apple, IKEA en anderen gaan met het Zigbee consortium samenwerken aan standaarden die gadgets in huis beter moeten laten samenwerken.
  • En Amazon en Google bieden iets meer ondersteuning voor het direct lokaal aansturen van gadgets, zonder connectie met hun clouds. Iets privacy-vriendelijker.

5G

De eerste Android-telefoons met 5G-ondersteuning zijn er. Een iPhone met 5G wordt op z’n vroegst in oktober 2020 verwacht. Maar dat gaat nog niet veel sneller mobiel internet bieden:

Even when a substantial number of people get access to 5G, data connectivity is going to be at about the level of fast 4G or decent WiFi in the short term; the promised benefits of superfast mobile broadband come with higher frequency ranges that aren’t yet in operation in many countries. Also, many of the really interesting use cases are yet to be discovered.

Social

Social media verplaatsen of transformeren steeds meer van centrale newsfeeds naar groepen en messaging (Whatsapp e.a.). En:

Social networks in general are becoming more transactional. Instagram, TikTok, and WhatsApp have all added tools for different stages of the direct-to-consumer ecommerce process, from product catalogues to payments to fulfilment.

Maar vergeet daarbij niet dat de statistieken die sociale netwerken zelf bieden regelmatig niet betrouwbaar zijn.

Gaming & e-sports

Eerlijk gezegd weet ik hier het minste van, maar dat e-sports groot(s) is hebben zelfs NOS Journaal-kijkers dit jaar gezien. Maar het is meer:

Fortnite is innovating storytelling, turning scheduled server downtime into a major plot point. But its real achievement may be in becoming a ‘third place’ for hanging out with friends.

En die ‘third place’ wordt al goed gebruikt c.q. uitgemolken voor marketingdoeleinden.

Synthetic media

Deepfakes kennen we ondertussen allemaal, maar onder synthetische media vallen afbeeldingen, audio en video die door algoritmes zijn gecreëerd of gemanipuleerd.

Anyone can paint impossible landscapes. Attention correction in FaceTime means you always seem to make eye contact, even when you don’t. You can clone your voice. Synthesia’s technology makes people speak different languages. Jiggy enables every one to be a dancer. Why invest in stock photography when you can generate portraits of non-existent people whose ethnicity can be modified on the fly? Synthetic media has the potential to shake everything up.

Het zal de komende jaren niet saaier worden online.

Wordt de 21ste eeuw de eeuw van Google, Amazon, Apple en Microsoft? Rond de jaren ’30 van de 20ste eeuw ontstonden de grote Amerikaanse autofabrikanten. Die wisten hun positie de rest van de eeuw te consolideren, en daarmee werd de auto een van de belangrijkste producten van de vorig eeuw. De auto was bepalend voor hoe grote delen op de wereld werden ingedeeld en mensen leven (van infrastructuur tot suburbs en de manier van winkelen).

Ben Thompson trekt die lijn door:

Today’s cloud and mobile companies — Amazon, Microsoft, Apple, and Google — may very well be the GM, Ford, and Chrysler of the 21st century. The beginning era of technology, where new challengers were started every year, has come to an end; however, that does not mean the impact of technology is somehow diminished: it in fact means the impact is only getting started.

Ton:

Morgen 10 januari is het Publiek Domein Dag. De dag waarop het creatieve werk dat in het publiek domein komt gevierd wordt. 70 jaar nadat een auteur is overleden, wordt op de eerstvolgende 1 januari, haar of zijn werk onderdeel van publiek domein. Vanaf dan mag het werk vrij worden hergebruikt. Dit jaar is per 1 januari het werk van iedereen die in 1949 is overleden in het publiek domein gekomen.

Auteurs hebben copyright op hun werk tot een aantal decennia na hun dood:

In de meeste landen hangt de duur van het auteursrecht af van het leven van de auteur. Nadat deze komt te overlijden, kunnen zijn erfgenamen het auteursrecht gedurende ten minste 50 jaar exploiteren. In de meeste landen is deze periode nog langer: tot 70 jaar na de dood van de maker.

Via die zo makkelijk beïnvloedbare social media vond ik een artikel over Zettelkasten. Wat? Ja, dat wist ik dus ook niet. Daarom een kleine ‘deep dive‘. ;)

Zettelkasten is de methode die de Duitse socioloog Niklas Luhmann ontwikkelde om ideeën en kennis te verzamelen, te ordenen en makkelijk terugvindbaar te maken. Waarmee hij in 40 jaar tijd 70 boeken en 400 wetenschappelijke artikelen schreef. Zonder een computer te gebruiken. Bryan Kam’s analogie legt het concept al een beetje uit:

(..) you might say that Zettelkasten is to a wiki what GTD is to a todo list.

Wat Zettelkasten allereerst oplost is dat het een systeem biedt om ideeën met elkaar te verbinden, en er vervolgens dieper over na te denken. Maar het gaat verder. David B. Clear verzamelde 12 basisprincipes van Zettelkasten:

  1. The principle of atomicity: The term was coined by Christian Tietze. It means that each note should contain one idea and one idea only. This makes it possible to link ideas with a laser focus.
  2. The principle of autonomy: Each note should be autonomous, meaning it should be self-contained and comprehensible on its own. This allows notes to be moved, processed, separated, and concatenated independently of its neighbors. It also ensures that notes remain useful even if the original source of information disappears.
  3. Always link your notes: Whenever you add a note, make sure to link it to already existing notes. Avoid notes that are disconnected from other notes. As Luhmann himself put it, “each note is just an element that derives its quality from the network of links in the system. A note that is not connected to the network will be lost, will be forgotten by the Zettelkasten” (original in German).
  4. Explain why you’re linking notes: Whenever you are connecting two notes by a link, make sure to briefly explain why you are linking them. Otherwise, years down the road when you revisit your notes, you may have no idea why you connected them.
  5. Use your own words: Don’t copy and paste. If you come across an interesting idea and want to add it to your Zettelkasten, you must express that idea with your own words, in a way that you’ll be sure to understand years later. Don’t turn your Zettelkasten into a dump of copy-and-pasted information.
  6. Keep references: Always add references to your notes so that you know where you got an idea from. This prevents plagiarism and makes it easy for you to revisit the original source later on.
  7. Add your own thoughts to the Zettelkasten: If you have thoughts of your own, add them to the Zettelkasten as notes while keeping in mind the principle of atomicity, autonomy, and the need for linking.
  8. Don’t worry about structure: Don’t worry about putting notes in neat folders or into unique preconceived categories. As Schmidt put it, in a Zettelkasten “there are no privileged positions” and “there is no top and no bottom.” The organization develops organically.
  9. Add connection notes: As you begin to see connections among seemingly random notes, create connection notes, that is, specific notes whose purpose is to link together other notes and explain their relationship.
  10. Add outline notes: As ideas begin to coalesce into themes, create outline notes. An outline note is a note that simply contains a sequence of links to other notes, putting those other notes into a particular order to create a story, narrative, or argument.
  11. Never delete: Don’t delete old notes. Instead, link to new notes that explain what’s wrong with the old ones. In that way, your Zettelkasten will reflect how your thinking has evolved over time, which will prevent hindsight bias. Moreover, if you don’t delete, you might revisit old ideas that may turn out to be correct after all.
  12. Add notes without fear: You can never have too much information in your Zettelkasten. At worst, you’ll add notes that won’t be of immediate use. But <ahref=”https://omxi.se/2015-06-21-living-with-a-zettelkasten.html”>adding more notes will never break your Zettelkasten or interfere with its proper operation. Remember, Luhmann had 90,000 notes in his Zettelkasten!

Zoiets op papier gaan doen klinkt niet direct als iets heel aantrekkelijks. Maar het kan ook gewoon in Dropbox, met Markdown-tekstbestanden. De schrijver doet dat zelf zo:

My Zettelkasten is a folder in Dropbox. This allows me to access my Zettelkasten from my computer, my phone, or any web browser. Each note is a separate text file kept within that folder. There are no subfolders. Everything is kept flat.

Whenever I create a new note, I create a new text file, whose filename is given by a timestamp followed by a title, as advocated by Christian from zettelkasten.de. For instance, right now it’s 16 December 2019 and the time is 13:52h. So if I were to create a note titled “Zettelkasten is amazing”, it would become a new text file named 201912161352-Zettelkasten-is-amazing.txt.

I then write the contents of the note using a combination of markdown and wiki-style double-bracket links. So the file 201912161352-Zettelkasten-is-amazing.txt might contain the following:

 

# 201912161352 Zettelkasten is amazing
#notetaking #writing #productivity
The Zettelkasten notetaking system is the best notetaking system ever.
## Links
- [[201912070830-Zettelkasten-principles]]
- [[201912080935-Niklas-Luhmann-short-biography]]

Tegelijkertijd klinkt het ook wel erg als een blog met simpele wiki-functionaliteit. Eigenlijk gebruik ik mijn site ook vooral om ideeën en interessante links op bij te houden. Dus waarom zou dit niet mijn Zettelkasten kunnen zijn?

Update: Ton heeft ook gedachten over Zettelkasten. Zoals hij stelt:

A personal knowledge management process is extremely important, and needs to be supported by the right tools. Specifically for more easily getting from loose notions, to emergent patterns, to new constructs.

Je eigen personal knowledge management systeem inrichten is nog niet zo makkelijk. Maar ik blijf ermee doorgaan.

Spaanse software waarmee bedrijven de sentimenten over hun merk of producten konden beïnvloeden klinkt in eerste instantie niet als heel bijzonder. Tot het in handen van Russische trollen viel. In de Volkskrant beschrijven Tom Kreling en Huib Modderkolk hoe dat gebeurde.

Die software, Snap (Social Networks Analysis Platform), kan drie dingen:

  • een online-aanval detecteren,
  • registreren hoe een bericht viraal wordt, en
  • een tegenaanval organiseren.

Dat laatste is natuurlijk het meest interessant. Qua online beïnvloeding kan Snap tegen negatieve berichtgeving op twee manieren in de aanval gaan:

De eerste is om een negatieve tweet opvallend veel aandacht te geven met zogeheten bots – honderden nep accounts die door één iemand worden bediend. Twitter en Facebook merken de opvallende aandacht van bots voor het onderwerp op, stellen vast dat sprake is van manipulatie en halen alle berichten – ook het origineel – weg.

De tweede gaat nog een stap verder:

Julio: ‘De aandacht wegblazen met een eigen, positieve tweet, die viral gaat.’ Hoeveel aandacht moeten ze een bericht geven om het trending te laten worden en de andere aandacht te overstemmen? Het blijkt makkelijker dan gedacht. Als ze een bericht de juiste aandacht geven met een paar honderd accounts is het zo een halve dag trending. Julio: ‘Een plek in de top-10 van trending topics in Spanje kan al met driehonderd accounts.’

Dat werkte het beste op Twitter, want “Twitter leeft van controverse. Hun algoritme is niet zo streng voor enige vorm van manipulatie”.

Ondertussen gebruiken zeventig landen ‘computergestuurde propaganda om de publieke opinie te sturen’, bleek uit onderzoek van Oxford. Zowel democratieën als autoritaire landen.

Vietnam laat 10.000 personen het online-klimaat bepalen, Israël 400, Oekraïne 20.000. Sommigen zijn niet alleen actief in eigen land maar ook daarbuiten. China is de nieuwe grote speler volgens het Oxford-onderzoek – het zet naar schatting tussen de 300.000 en 2 miljoen mensen in voor online- manipulatie – en Facebook is nog belangrijker bij het verspreiden van desinformatie dan Twitter.

Het hele artikel leest als een spionageverhaal. En illustreert mede hoe belangrijk het is geworden om bij het ontwikkelen van dit soort software al in het ontwerpproces na te denken over ethische aspecten.

Gerelateerd: Ethiek van goed product design.

Gisteren las ik het uitgebreide artikel van Ferdy Christant over de (zakelijke) geschiedenis van Flickr. Dit in reactie op de laatste post op het Flickr blog (zie Reddit, HN) waarin SmugMug/Flickr CEO Don MacAskill uitlegt wat allemaal verbeterd is aan Flickr sinds SmugMug het overnam van Yahoo en vraagt of geïnteresseerden (weer) een Flickr Pro-abonnement willen nemen.

There’s a lot of outrage from Flickr’s user base regarding moves made by SmugMug since acquiring Flickr:
* Limiting the free tier to a 1,000 photos, actively deleting the surplus
* Sharply raising prices for Pro (which was a Yahoo action, for the record)
* This week’s call for action

Wat het artikel probeert uit te leggen is dat de stappen die SmugMug nu zet heel logisch zijn:

The user-hostile measures now being taken by SmugMug are to undo the damage done by Yahoo management. SmugMug inherited all of Flickr’s problems, all its past poor decisions, and above all a dysfunctional business model.

Flickr scheen tientallen miljoenen dollars verlies per jaar te genereren omdat Yahoo, een advertentiebedrijf, het nooit als een betaalde dienst had doorontwikkeld.

Wat SmugMug nu doet is niet alleen zakelijk logisch, maar had iedereen die één blik op de website van SmugMug.com hadden geworpen had verwacht: het is een betaalde dienst, zoner advertenties.

Terug naar Ferdy:

When you support free, you support billionaires. When you pay, you support sane businesses and real creators. Start paying for things that cost money. If you can’t afford to, use fewer things, which generally make you happier anyway.

Daar ben ik het natuurlijk helemaal mee eens. :)

(Lees het artikel ook voor de prachtige foto-albums die worden gelinkt: Andreas Kay en Paul Bertner!)